Een openhartoperatie in het HagaZiekenhuis locatie Leyenburg. 

Op een dinsdag werd de redactie gebeld of zij een hartoperatie wilde bijwonen en wel op een maandagmorgen. De redactie was zeer vereerd, want het is weinigen gegeven. Om kwartover zeven in de ochtend sta je voor de deur van de poli en loop naar de operatieafdeling op de 2e etage. Mijn komst is bekend, je wordt hartelijk welkom geheten en meegenomen naar de kleedkamer van de operatieafdeling. Je wordt in een steriel groen pak gehesen, de hoofdharen moeten worden bedekt met een mutsje; voorschrift, zo staat dat op een brief aan de deur en in de operatiekamer zijn mondkapjes ook verplicht.

Witte operatiemuilen aan en naar de koffiekamer waar ik een glas koffie krijg aangeboden. Je wordt vriendelijk maar nieuwsgierig verwelkomd door mensen in groene pakken en gevraagd wat ik hier kom doen? Ik vertel het hen, het antwoord is: ‘Leuk.’ Zacht grinnikend wordt verteld dat ze niet hopen dat je flauw valt tijdens de operatie. Van hen vernam ik dat de hartpatiënt, waar ik voor kwam, al beneden was en naar de operatiekamer (OK) gebracht en dat de cardiochirurgieassistenten in OK 2 al druk bezig waren de patiënt klaar te maken voor de operatie.

Ik mag mee naar OK 2 en krijg een mondkapje voor. De anesthesioloog met de assistenten zijn al aanwezig.

Ik wordt aan hen voorgesteld, ze knikken me achter hun maskers toe. Zij begeleiden de patiënt vanaf het begin van de afdeling waar ze liggen en opgehaald worden tot aan het einde van de operatie en als laatste, na de operatie, de begeleiding naar de afdeling Intensive Care (IC).
De patiënt ligt onder narcose nu bijna geheel afgedekt op de operatietafel. Alleen de borstkas is ontbloot idem het rechteronderbeen. De benodigde slangen en snoeren zijn aangesloten. De cardiochirurgieassistent begint met het openen van de huid van het onderbeen om bij de aders te komen. Een ader is nodig voor de drie bypasses (kransslagaders) die de dichtgeslibde kransslagaders van het hart moeten vervangen. Tegen negenen komt cardiochirurg dr. K. Khargi de operatiekamer binnen, kort overleg heeft plaats.

In de OK heerst een serene rust. De cardiochirurg, anesthesist en zeven assistenten beginnen aan hun belangrijke taak. Volgens de cardiochirurg verloopt de operatie soepel, tijdens de operatie wordt weinig gepraat. Alsof het is afgesproken geeft de operatieassistent, zonder dat haar iets is gezegd, instrumenten aan de chirurg en pakt ze weer aan. De anesthesist houdt, achter een soort blauw lakenscherm, via monitoren en displays de patiënt in de gaten, ze is heel waakzaam. De patiënt weet van de prins geen kwaad en ligt roerloos op de operatietafel.

De chirurg opent de borstkas, het daarbij vrijkomend bloed of vocht wordt afgezogen of opgedept met lapjestampons, longen en hart worden nu zichtbaar. Het hart klopt nu zichtbaar en onverstoord haar ritme. Korte tijd later wordt de hart-longmachine, via slangen, aangesloten op de aorta en hartader. De pompen beginnen te werken en je ziet het bloed door de slangen stromen; lichtrood is zuurstofrijk bloed en het donkerrode zuurstofarm, wordt aan je verteld. Je merkt, en dat valt op, dat hier een team aan het werk is dat goed op elkaar is ingespeeld.

De redactie heeft de hele operatie van ± vijf uur ononderbroken meegemaakt.

Tussendoor wordt een lijst getoond waarop staat dat vanaf het begin dat de hartchirurgie in het Leyenburg startte, in totaal 632 hartoperaties met succes en zonder complicaties zijn uitgevoerd. Van dit jaar 2005 zijn het er al, met vandaag meegerekend, 224. In de hele ochtend is de rust merkbaar; dus geen gehaast. In het begin kreeg ik wel de opmerking: ‘Je mag je overal vrij bewegen. Maar, alles wat ‘blauw’ is moet je vanaf blijven, want dat is steriel.’ Voor de rest mocht ik mij vrij in de OK bewegen; mits ik niemand in de weg loop natuurlijk, want tenslotte ben je hier te gast en ze willen hier geen verstoring. Er wordt die ochtend heel geconcentreerd gewerkt. Het hart ligt stil, de hart-longmachine doet zacht zoemend zijn werk, de bediener ervan kijkt constant naar de displays en vult zijn lijsten in. Daarnaast kijkt de anesthesist waakzaam toe

De vrijgekomen beenader wordt geprepareerd om straks te worden gebruikt als kransslagader, ter vervanging van de dichtgeslibde kransslagaders; het worden er drie.

Even later worden, met een uiterste precisie, de adertjes als bypasses aan het hart aangehecht en op de geopende kransslagaders aangesloten. De omloopassistent zit op een krukje, ze heeft contact met de cardiochirurg en zijn assistente over het steriele en onsteriele gebeuren. Wanneer ergens om wordt gevraagd, staat ze op en haalt het nodige en geeft het aan de assistent of pakt het aan. Om half elf worden de aderklemmen langzaam losgemaakt, het bloed stroomt zichtbaar door de nieuwe (kransslag)aders, ze bollen wat op.

Het wonderbaarlijke is dat even later het hart uit zichzelf begint te kloppen. ‘Dat is normaal’, antwoordt cardiochirurg dr. Khargi. De hart-longmachine wordt op advies van de chirurg afgekoppeld, het werk van deze bijzondere levensreddende machine zit erop. De directe cardiochirurgisch-assistent van de cardiochirurg staat tegenover hem. Alle medewerkers in de OK zijn de schakels van dit hartchirurgisch circuit met ieder zijn eigen taak.

De gehele echte operatie duurt ongeveer vier uur. De anesthesist: ‘De patiënt werkt goed mee, alles gaat prima en we hebben het goed onder controle’, dus een rustige operatieochtend. De gebruikte tampons om bloed en vocht op te nemen worden steeds geteld; het zijn er dan steeds tien. Niets mag in de wond achterblijven of aan het toeval worden overgelaten en daar wordt streng op gelet, idem de instrumenten! De bypasses zijn aangebracht, het hart klopt weer als vanouds en de operatie is gelukt. Alhoewel er voor de zekerheid een tijdelijke pacemaker is aangebracht.

De grote open borstwond wordt dichtgemaakt. Met roestvast staaldraad van anderhalve millimeter dik worden de ribben weer bijeengebracht.

Om even over elven zit de taak van cardiochirurg dr. Khargi erop, hij bedankt iedereen en verdwijnt uit de OK. De assistenten maken de wond nu helemaal dicht; het is naaiwerk. Daarna wordt de patiënt van alle lakens, doeken, slangen, bedrading, pleisters etc. ontdaan. Alleen enkele slangen en bedrading blijven zitten, ze zijn nodig voor de behandeling op de IC. De patiënt, nog steeds onder narcose, wordt afgedekt met een warme deken en van de operatietafel op een zaalbed geschoven. Met de benodigde apparatuur wordt de patiënt naar de IC-kamer op de vierde etage gebracht. De redactie wipt nog even binnen bij Camiel van Deursen en zijn vrouw Georgette op de zevende etage.

Zijn operatie is vijf dagen eerder gebeurd en evengoed verlopen. Hij heeft nog wel pijn, maar is hoopvol. De redactie bedankt cardiochirurg dr. K. Khargi en ook Bianca en Karin van het secretariaat van de afdeling cardiologie, die het bijwonen van een hartoperatie voor de redactie hebben mogelijk gemaakt.

Door Jer van Leeuwen; redacteur Open hartig